Terugblik afgelopen kwartaal

Alle beleggingscategorieën lieten in het eerste kwartaal van 2019 positieve rendementen optekenen. Een mooie ontwikkeling voor beleggers en wederom een bevestiging dat uit de markt stappen op het moment dat de spanning toeneemt, vaak niet goed uitpakt. Een aantal van de risico’s en onzekerheden die in het vierde kwartaal van 2018 voor stevige koersdalingen zorgden, lijken minder groot dan in eerste instantie gevreesd. Er zijn voorzichtig positieve geluiden over de handelsbesprekingen tussen de VS en China maar er ligt nog geen definitieve overeenkomst op tafel. En na de Amerikaanse centrale bank (Fed) heeft ook de Europese Centrale Bank (ECB) aangegeven een afwachtende houding aan te nemen ten aanzien van haar rentebeleid. Buiten de almaar gekker wordende Brexit perikelen lijkt de rust op het geopolitieke front weer wat teruggekeerd. De zorgen over een wereldwijde groeivertraging en teleurstellende bedrijfsresultaten lijken vooralsnog voorbarig maar de onzekerheid op dit gebied blijft aanwezig. Door de gewijzigde koers van de centrale banken en de wat vertragende economieën zien we namelijk dat in Europa de Duitse tienjaarsrente weer negatief is geworden. Daarnaast is de Amerikaanse tienjaarsrente onder de korte rente gedoken. Deze zogenaamde inverse rentestructuur is in het verleden vaak een voorbode geweest voor een recessie.

Modelportefeuilles

In onze beheerportefeuilles lieten zowel de aandelenbeleggingen als onze obligatiebeleggingen en alternatieven een mooi koersherstel zien. De Ishares MSCI ACWI ETF noteerde een rendement van 14,20%. Aandelen uit de Verenigde Staten en de zogenaamde Frontiermarkten presteerden het beste, aandelen uit met name de Pacifc regio bleven hierbij achter. Qua beleggingsstijl leverden de factoren smallcap, momentum en quality de beste rendementen. Waarde aandelen bleven ook dit kwartaal achter bij de markt. Doordat zowel de obligatierentes in Europa als de Verenigde Staten daalden, stegen obligaties verder in koers. De Vanguard Global Bond Index liet een positief rendement zien van 2,55%. Gezien de kortere looptijden van een deel van onze obligatiebeleggingen, bleef
het obligatiegedeelte van de portefeuilles hier wat bij achter. De alternatieve beleggingen presteerden juist beter dan deze benchmark.

Vooruitblik

De sterke start van dit jaar kunnen we niet los zien van de forse dalingen in het vierde kwartaal van vorig jaar. Het is naar onze mening dan ook vooral een correctie op deze overdreven koersreactie (zie grafiek boven aan pagina). Wat de rest van het jaar ons brengen gaat, is moeilijk te voorspellen. Door het herstel van de aandelenmarkten in het afgelopen kwartaal zijn de waarderingsniveaus op een neutraal niveau terechtgekomen. Dit is geen reden voor ongerustheid. Wel zien we zowel in de media als onder beleggers de zorgen over een mogelijk naderende recessie toenemen. Zoals hierboven gezegd is met name de ontwikkeling van de Amerikaanse rentecurve hier de aanleiding voor. Hoewel deze “inverse curve” in het verleden een aantal malen vooraf is gegaan aan een recessie, zijn er ook momenten geweest dat dit juist niet zo geweest is. Zoals we al vaker hebben geschreven, blijft ook het “timen” van dit soort gebeurtenissen bijzonder lastig. Bovendien zien we dat zelfs áls dit signaal zou kloppen, het nog relatief lang kan duren voordat de recessie in zou treden. Juist in deze periode zijn er vaak nog mooie rendementen op aandelen te realiseren.

Rendementen financiële markten in Euro’s